Wisselligging

Wisselligging op een wisseldrukmatras: wat zegt de richtlijn?

Ligt een cliënt op een wisseldrukmatras, dan hoeft hij niet meer gedraaid te worden. Toch? De richtlijn zegt iets anders.

Kort antwoord

Ja, ook op een wisseldrukmatras blijft houdingswisseling nodig. Wisseldruk verdeelt de druk, maar verandert de houding niet; de V&VN-richtlijn gaat in principe uit van elke 4 uur, afgestemd op de cliënt.

Een hardnekkig misverstand

Op veel afdelingen leeft het idee dat een cliënt op een wisseldrukmatras niet meer gedraaid hoeft te worden. Dat is begrijpelijk: het matras beweegt voortdurend, je ziet de luchtcellen op en neer gaan, en het voelt alsof de druk daarmee geregeld is. Maar wisseldruk en houdingswisseling doen iets heel anders, en het een vervangt het ander niet.

Wat wisseldruk wel doet

Bij wisseldruk vullen en legen luchtcellen zich om de beurt. Daardoor wisselt de belasting op de plekken waar het lichaam het matras raakt: het ene moment draagt een cel het gewicht, het volgende moment een andere. Dat verdeelt de druk binnen een houding. De cliënt blijft echter in dezelfde houding liggen, en stuit, heupen en hielen blijven de plekken die het gewicht dragen.

Wat de richtlijn zegt

De V&VN-richtlijn Decubitus (2021) gaat in principe uit van een houdingswisseling elke 4 uur, ook bij een drukverdelende onderlaag (het matras). De frequentie stem je af op de cliënt, de huid en de onderlaag, en je legt die vast in het zorgplan. De internationale richtlijn noemt houdingswisseling eveneens een vast onderdeel van de preventie, naast de keuze voor een passende onderlaag. Een wisseldrukmatras kan de frequentie beïnvloeden, maar maakt houdingswisseling niet overbodig.

Waarom het in de praktijk lastig is

Elke 4 uur betekent zes houdingswisselingen per etmaal per cliënt, waarvan een deel in de nacht. Bij cliënten die weinig zelf kunnen, is dat vaak werk voor twee zorgverleners. Op een afdeling met meerdere van zulke cliënten loopt dat snel op, en in de nacht betekent elke draaibeurt dat de rest van de afdeling even zonder collega is. Bovendien kan elke draaibeurt de nachtrust van de cliënt onderbreken.

Wat helpt

  • Leg per cliënt de frequentie en de houdingen vast in het zorgplan.
  • Houd bij of de afgesproken wisselingen lukken, ook in de nacht.
  • Gebruik hulpmiddelen zoals een glijzeil om schuifkrachten te beperken.
  • Overweeg automatische laterale wisselligging bij cliënten bij wie handmatig draaien zwaar of onrustig is.
Met Multiturn 6

De Multiturn 6 combineert wisseldruk met automatische laterale wisselligging van 30 graden en geïntegreerde hielvrijlegging, in één matras met één pomp. Het matras geeft zelf wisselligging op het ingestelde ritme, ook ’s nachts. Het team blijft houding, huid en comfort volgen, maar het zware fysieke werk van het draaien valt weg. Wil je weten wat dat bij jullie betekent, dan kun je de Multiturn 6 drie weken kosteloos proberen.

Verdiepende vragen

Waarom staat het dan zo vaak anders in de praktijk?

Omdat wisseldruk de druk zichtbaar laat bewegen. Maar de houding blijft gelijk, en daarmee de plekken die het gewicht dragen.

Mag de frequentie lager op een wisseldrukmatras?

De frequentie stem je af op de onderlaag, de huid en de cliënt. Evalueer altijd met huidinspectie.

Bronnen

Bijgewerkt op 21 oktober 2026. Vakinhoudelijke review door een zorgprofessional is uitgevoerd.

Van kennis naar praktijk

Zie het in de praktijk.

Probeer de Multiturn 6 drie weken kosteloos, begeleid door onze ergotherapeut. Of kijk eerst hoe ‘wisselwijs’ jouw team is.

Direct toepassen.

Lees verder.